Dat lijkt er wel op. In de verte daagt een wit land op. Langzamerhand worden het grote ijsschotsen. En in de verte zijn enorme piekbergen te zien. Oskar haalt diep adem.
'Kijk, Rico,' roept hij naar zijn vriendje, die achter hem zit, en wijst met een vinger naar beneden. 'Dit is vast het land waar de ijsjes aan de bomen groeien.'
'Vast en zeker,' zegt de bal. 'En hier gaan we ook landen. Hou je goed vast.'
'Kijk, Rico,' roept hij naar zijn vriendje, die achter hem zit, en wijst met een vinger naar beneden. 'Dit is vast het land waar de ijsjes aan de bomen groeien.'
'Vast en zeker,' zegt de bal. 'En hier gaan we ook landen. Hou je goed vast.'
Zo landt de bal langzaam op een uitgestrekte sneeuwvlakte. En zodra dat gebeurd is springen Oskar en Rico van zijn rug en beginnen sneeuwballen te gooien.
Maar na een tijdje zegt Oskar:
'Wat is 't hier koud. En waar zijn nou die bomen waar de ijsjes aan groeien?'
'Jaáá, waar? Waááár?' kraait ook Rico.
'Nou,' zegt de bal. 'Dat gaan we maar eens ergens vragen. Er moet hier vast wel iemand wonen.'
Maar na een tijdje zegt Oskar:
'Wat is 't hier koud. En waar zijn nou die bomen waar de ijsjes aan groeien?'
'Jaáá, waar? Waááár?' kraait ook Rico.
'Nou,' zegt de bal. 'Dat gaan we maar eens ergens vragen. Er moet hier vast wel iemand wonen.'

Reacties
Een reactie posten