Rik weet wel van wanten: hij slaat driftig naar alle kanten. Je hoort hem hijgen, die mug is taai. En Kroko en Muis luisteren naar het lawaai.
Ze horen gerinkel en gekletter: van alles valt op de grond te pletter.
Kroko zegt: ‘Alles gaat kapot. Die Rik van jou is wel erg zot. Doe er wat aan. Zeg dat hij weg moet gaan.’
Dan weerklinkt een gil. En daarna is het vreselijk stil.

Reacties
Een reactie posten